Het is vroeg in de avond als we naar
Drimmelen rijden, de zon hangt nog net boven de jachthaven en het ruikt er heerlijk naar water, hout en zomer. We zijn onderweg naar de telefoon van Alano, die logeert bij opa en oma en een nachtje op de boot mag blijven slapen. Het belooft een topweekend te worden, tot dat ene moment waarop pret in paniek verandert.
Bij het overstappen van de boot naar de steiger glipt de telefoon van Alano uit zijn handen. Precies tussen boot en steiger, de perfecte plek om onvindbaar te lijken. Een paar boten verderop ziet een ander echtpaar het gebeuren, ze herkennen de paniek en schieten meteen te hulp. Ze hebben ons al vaker in actie gezien in deze haven, de Jachthaven Biesbosch, en zelfs voor hen hebben we eerder gedoken. Opa krijgt ons nummer en binnen no time staat de afspraak.
Wanneer we de
haven binnenrijden geven we een belletje dat we er zijn. Opa komt het hek openmaken en wij lopen met hem mee naar de juiste boot. Ze kennen ons nog niet persoonlijk, maar in de tijd tussen bellen en arriveren hebben ze de website goed doorgespit. Vooral onze
no cure no pay garantie geeft opa vertrouwen. Je rijdt niet zomaar een flink stuk om vervolgens met lege handen naar huis te gaan en met ons scoringspercentage durven we dat ook echt aan te bieden.
We halen alle spullen uit de auto, bouwen de duiksets op en rollen de lijnen uit. Binnen een paar minuten ligt de steiger vol met duikmateriaal en ligt Marja in het water. Na de laatste controles zakt ze naar de bodem. Nog geen minuut later komt ze alweer boven. De duikploegleider zegt lachend: “Ik heb geen bubbels van je gezien. Het was zo snel dat zonder ademhaling Marja weer boven was.” De telefoon is gevonden en komt zelfs werkend boven water.
En Alano? Die klimt op de achterplecht en bedankt ons met een gezicht dat straalt alsof hij zojuist de hoofdprijs heeft gewonnen. Mooier dan dat kunnen we het niet krijgen.